De ratjes die in een opvang komen zijn in de meeste gevallen ratjes die uit een DW of oeps/pretnest komen. Deze komen om de één of andere reden in de opvang en verdienen dan een goed tweede huisje. Dit is dus zeker een goede plek om naar een rat te zoeken. Soms hebben deze dieren al heel veel meegemaakt en zijn dankbaar met een nieuwe kans die ze geboden wordt.

Aangezien in een opvang ook zwangere moeders worden opgevangen, kun je vaak ook rittens uit een opvang halen, deze worden heel erg tam gemaakt en liefdevol verzorgd waardoor ze – in tegenstelling tot de dierenwinkel – heel tam en gezond zijn.

 

Redenen waarom je je ratjes beter bij een goede opvang kunt halen dan bij een DW of broodfokker of uit een pretnest:

– De rittens zijn niet zo tam als bij een opvang, omdat ze bij een opvang dagelijks in de hand worden genomen en geheel aan mensen gewend raken. Dat kan niet in een dicht labbakje bij de DW of BF. Bij de zeldzame dierenwinkel waar ze wel de ruimte hebben mogen de klanten meestal ook niet aan de ratten zitten, want daar zitten ze vaak achter glas.

– En de rittens uit een DW komen in 9 van de 10 gevallen bij een broodfokker vandaan waar ze al een slechte start hebben. De leefomstandigheden zijn daar erbarmelijk slecht en door rittens in een dierenwinkel te kopen steun je ook de broodfok. Bij het tiende geval gooit de DW zelf twee ratten op elkaar en krijgt een vrouwtje daar een nest. Daar zijn de omstandigheden meestal niet veel beter voor een vrouwtje met een nestje dan bij de BF.

– Een goede opvang hoort van alle reserveerders te weten in wat voor hok de rittens komen en of ze al andere ratten hebben en welke geslachten. Ook of er kinderen zijn en of de kooi op de kamer van de kinderen komt te staan. Dit hangt natuurlijk ook van de leeftijd en het verantwoordelijkheidsgevoel van de kinderen af. Ik houd tussendoor bijvoorbeeld ook een kijkdag zodat de reserveerders hun rittens kunnen zien en ik kan kijken naar wie de rittens toe gaan. De reserveerders moeten een contract tekenen waarin staat dat ze goed voor ze zullen zorgen en er niet mee mogen fokken.

Als ze ze om de één of andere reden niet meer kunnen houden, moeten ze teruggebracht worden naar de opvang. Daar sta ik op en horen andere opvangcentra ook te doen, ik wil ze altijd in de gaten kunnen houden en plaats ze zelf wel weer door als ik ze terug krijg zodat ik zeker weet dat ze weer goed terecht komen.

Als je na een half jaar terug gaan naar de DW als het niet meer gaat, neemt deze de ratjes niet meer terug of ze worden slangenvoer of afgemaakt.

Ik keur het dus altijd af als dieren in een dierenwinkel worden gekocht.

 

Als voorbeeld hoe het in een DW/tuincentrum kan gaan:

Ik was een tijd geleden bij de Ranzijn in Gorinchem om voer te halen en uiteraard kijk je dan even bij de dieren. Daar zitten dan schichtige ratjes die er niet echt vrolijk en gezond uitzien. Mensen zijn ze amper gewend.

Er werd net een moeder met kind van ongeveer 5 jaar geholpen door een meisje die daar werkt. Ze gingen één ratje kopen. Hadden er één uitgezocht die de verkoopster bij de staart uit het hok haalde. Ze durven ze niet te pakken want stel je voor dat ze bijten. Maar wel aan een meisje van 5 jaar verkopen.

We maakten al een opmerking van “Neemt u er maar één? Wat zielig!”, maar daar werd niet op gereageerd. Alleen de meid van Ranzijn keek een beetje kribbig. We liepen verder en ik moest er toch de hele tijd aan denken. Uiteindelijk ben ik naar die moeder teruggelopen en heb gezegd dat ze er beter twee kon kopen en heb haar de nadelen uitgelegd van een ratje wat alleen zit. Het interesseerde die moeder niet veel want ze wilde er maar één en als hij bv. agressief zou worden dan zou ze wel weer verder zien. Ik heb mij ingehouden, maar mijn bloed kookte. Voor mezelf had ik in ieder geval het gevoel dat ik het geprobeerd had, maar ik baalde wel. Ik had al niet eens tegen haar hoeven te beginnen dat zo’n schuw ritten niets zou zijn voor haar dochtertje, maar het mens wilde niet luisteren dus ik ben maar weggelopen.

Dit gebeurd dus heel vaak in een dierenwinkel, een rat alleen meegeven en er de ballen verstand niet van hebben om goede info aan een klant te geven.

 

Nog een voorbeeld:

Ik heb twee vrouwtjes opgevangen van ca. 4 maanden hooguit.
Het verhaal van hun is als volgt:

De rittens zijn gekocht in een DW door een meisje die graag ratjes wilde.
Ze moest er ook helemaal alleen voor zorgen van de ouders (lesje in verantwoording krijgen?). Het meisje keek na een week al niet meer naar de rittens om en ze kregen alleen eten als ze eraan dacht. De ouders deden hier verder niets aan, ook niet toen de rittens steeds uitgemergelder raakten, want het was de verantwoording van hun kind en niet van hun.

Gelukkig kwam er na ca. 1,5 maand een kennis op bezoek die gek is op dieren. Ze zag de uitgemergelde rittens waarvan er ook nog één de kop scheef hield en besloot dat dit zo niet kon. Ze heeft gezegd dat zij de rittens mee zou nemen en als dat niet kon ze de LID zou waarschuwen. Gelukkig kon ze ze zo meenemen en ze heeft ze een maand gehad en opgelapt (op het scheve hoofd na).

Ze zijn bij mij weer helemaal bijgekomen en toen ze gezond genoeg waren zijn ze herplaatst.

Wat ik hiermee wil zeggen is dat een DW niet kijkt naar wie rittens gaan, ze geven ze aan iedereen mee,ook aan kinderen. Dit zijn ook rittens van een broodfokker trouwens.

Helaas zal een DW of BF altijd aan dierenverkoop blijven doen, aangezien een groot gedeelte voor slangenvoer gefokt wordt. Maar we kunnen er wel zoveel mogelijk aan doen om ervoor te zorgen dat de verkoop in DW’s niet gestimuleerd wordt.

Een goede dierenwinkel is een winkel waar geen dieren verkocht worden, alleen dierbenodigdheden zoals voer, kooien en bodembedekking. En uiteraard één die verstand van zaken heeft en bv. geen hamsterkooi aan de eigenaren van een rat verkoopt, of de verkeerde bodembedekking. Een goede dierenwinkel die ook een webwinkel heeft is dierenspeciaalzaak Casper, alias de Rattenwinkel.

Opvang: Gelukkig bestaan er rattenopvangcentra. Ik heb zelf ook een opvang, Stichting Opvangratten & Knuffeltherapie (SOK) en er zijn nog een aantal goede opvangcentra in Nederland, helaas worden het er steeds minder.

Hier kunnen de ratten opgevangen worden die door omstandigheden niet meer door de eigenaren gehouden kunnen worden. Dit kan door een verhuizing of allergie zijn, maar ook omdat de kinderen er niet meer naar omkijken of andere redenen.

De opvang probeert een goed huis voor de ratjes te zoeken, waar ze de rest van hun leven mogen doorbrengen.

 

Dierenwinkel: Helaas verkopen de meeste dierenwinkels allerlei soorten dieren, variërend van knaagdieren en vogels tot vissen en nog veel meer soorten.

In de meeste gevallen hebben de medewerkers weinig tot geen kennis van de dieren en kunnen ze de klanten ook niets vertellen over de gewoontes en levensbehoeften van alle diersoorten. De dieren zelf komen vaak bij broodfokkers vandaan. In de andere gevallen fokken ze zelf en gooien een mannetje en een vrouwtje bij elkaar zonder op gezondheid en karakter te letten. Of er komen vanzelf nestjes omdat de dieren niet op geslacht gescheiden zitten.

 

Broodfokkers: Dit zijn bedrijven die voornamelijk fokken om winst te maken. Er hun brood mee te verdienen dus, vandaar de naam broodfokker.

De ratten zitten met teveel tegelijk in te kleine bakken, dit zijn vaak labbakken of kweekbakken. Grote kooien kan niet, want dan zitten er te weinig ratten per m2 en dat betekent te weinig winst. Er wordt niet naar gezondheid gekeken, maar alleen naar de tekening en kleur. De mooiste ratten worden voor de fok gebruikt, andere mooie ratten gaan naar dierenwinkels en de rest van de zielenpietjes gaan als slangenvoer weg.

De bakken zijn vaak vies waar de ratten inzitten en veel te benauwd. Omdat hun weerstand niet zo best is en de bakken vervuild hebben ze vaak mijt. Zo komen ze in de dierenwinkels en zo gaan ze ook naar de klant, want in een dierenwinkel worden ze meestal ook niet behandeld.

 

Pretnest: Het gebeurd helaas nog wel eens dat iemand thuis een nestje neemt voor de lol omdat ze het zo leuk vinden en het een keer mee willen maken. Er komt dan vaak een nestje met een vrouwtje wat ze hebben en als dekman nemen ze dan een rat van een kennis of uit de dierenwinkel. Dit nest wordt een pretnest genoemd.

Eigenlijk is het een zelfde soort nest als bij een dierenwinkel of broodfokker, maar in dit geval worden de rittens wel in huiselijke kring opgevoed en tam gemaakt.

Naar de achtergrond wordt echter niet gekeken. Door hier rittens uit te nemen stimuleer je het fokken van dit soort nestjes. De rittens worden vrijwel altijd op marktplaats aangeboden. Op een andere manier komen de mensen er meestal niet vanaf.

 

Oepsnest: Een ongeluk zit in een klein hoekje. Meestal hebben de eigenaars van een oepsnest beide geslachten in huis en wordt er per ongeluk een vrouwtje in de mannenkooi gezet of ze hebben een vrouwtje uit de dierenwinkel gehaald, niet wetende dat ze er nog een stuk of 13 verrassingen bij kregen. Helaas genoeg zeggen sommige mensen ook dat ze een oepsnest hebben, terwijl het in werkelijkheid een pretnest is.

Aangezien een dierenwinkel de ratten niet altijd apart heeft zitten is die kans dus heel groot. Ook deze rittens worden vaak op marktplaats aangeboden.

Bovenstaand stuk mag gekopieerd en gebruikt worden op andere websites, zolang mijn naam (Denise Grondman van Stichting Opvangratten & Knuffeltherapie) er maar bij vermeld wordt. Het is belangrijk dat iedereen weet hoe verschillend er gefokt kan worden en wat het beste voor de ratten en hun toekomstige eigenaren is.